Minderjarigen verdienen bescherming

DELEN IS LEUK:
Inspanning vereist

De wet neemt minderjarigen in bescherming door de toestemming van een minderjarige betrokkene alleen rechtmatig te verklaren als het kind ouder dan 16 jaar is, of als de minderjarige over een machtiging of toestemming beschikt van een persoon die de ouderlijke bevoegdheid draagt. Vervolgens moet de verwerkersverantwoordelijke redelijke inspanningen doen om te controleren of deze toestemming ook daadwerkelijk is verleend door de persoon die de ouderlijke verantwoordelijkheid draagt.

Keuzevrijheid

Het vaststellen van deze leeftijdsgrens is een van de onderwerpen waarin de verordening de lidstaten vrij heeft gelaten; er bestaat namelijk ruimte om deze leeftijdsgrens tot 13 jaar te verlagen. In Nederland wordt hier geen gebruik van gemaakt.

In de overwegingen bij de verordening en de verordening zelf, wordt meermaals gewezen op de bijzondere positie van een kind en de uitdrukkelijke bescherming waarin dat moet resulteren. Een kind wordt namelijk onder de categorie van kwetsbare natuurlijke personen geschaard, wat inhoudt dat deze personen zich allicht minder bewust zijn van de risico’s, gevolgen en rechten in verband met de verwerking van hun persoonsgegevens. Uit deze begrijpelijke aanname volgt het recht op specifieke bescherming. Dit wil niets anders zeggen dan dat persoonlijke belangen van een betrokkene zwaarder wegen als de betrokkene een kind is.

De uitdaging: begrijpelijk voor een kind

Wat houdt dit dan concreet in? De informatie die op een kind is gericht, moet ook daadwerkelijk door een kind te begrijpen zijn. Verder mag een kind niet aan profilering of geautomatiseerde besluitvorming worden onderworpen.

De privacywet sluit dus niet aan bij andere wetgeving waarin het onderscheid tussen minderjarigen en meerderjarigen wordt gemaakt bij het bereiken van de leeftijd van 18 jaar. In de praktijk zou het leeftijdsgebied van 14 t/m 17 jaar voor onduidelijkheden bij verbintenissen kunnen leiden. Het advies voor verwerkingsverantwoordelijken is vanzelfsprekend om de veilige weg te kiezen en extra zorgvuldigheid jegens kinderen en minderjarigen te betrachten.

De toezichthouder doet ook mee

Maar ook voor de toezichthouder is er een specifieke wettelijke taak ten aanzien van minderjarigen weggelegd: de AP moet bij het bevorderen van bekendheid met de privacywet, bijzondere aandacht besteden aan op kinderen gerichte activiteiten. Deze minderjarigen moeten duidelijk op hun rechten worden gewezen en verwerkingsverantwoordelijken op hun verzwaarde verantwoordelijkheid.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *